Vanaf 01-06-2011 mag de kantonrechter over zaken tot 25.000 euro beslissen. Tot deze datum behandelde de kantonrechter zaken met een waarde tot 'slechts' 5.000 euro. Particulieren en ondernemers kunnen vanaf heden dus meer relatief eenvoudige zaken zonder de hulp van een advocaat aan de kantonrechter voorleggen.
Veel zaken moesten in het verleden worden overdragen aan een advocaat, omdat het al snel over hogere bedragen dan 5.000 euro ging. Bedrijven zullen hun bedrijfsjurist vaker kunnen inzetten waardoor het veel goedkoper wordt. Bedrijfsjuristen krijgen dus meer werk. Zij kennen het bedrijf en de juridische kwestie goed, het is dan voor hen zonde om het laatste stukje uit handen te moeten geven. Er kleeft echter ook een nadeel aan deze nieuwe regeling, het risico bestaat dat schuldeisers zelf over hoge bedragen gaan procederen, waardoor belangrijke juridische verweren mogelijk niet worden benut.
De verruiming van de bevoegdheid zal het monopolie van advocaten doorbreken en dat kan invloed hebben op de hoeveelheid werk voor deze beroepsgroep. Vooral de zelfstandige advocaten zonder personeel met een algemene praktijk zullen hier last van hebben. Ze worden geconfronteerd met concurrentie van bijvoorbeeld rechtsbijstandverzekeraars en deurwaarders die doorgaans veel transparanter zijn.
Vooral voor cliënten is het toch voornamelijk een positieve ontwikkeling is. De verruiming van de bevoegdheid van kantonrechters is bedoeld om de rechtspraak toegankelijker te maken.
Tegenover deze verruiming staat echter het voorstel om de griffierechten kostendekkend te maken. Die maatregel staat haaks op de uitbreiding van de bevoegdheid van de kantonrechter en is zorgwekkend. Het is ontzettend tegenstrijdig, verhoging van de griffierechten zou de toegankelijkheid weer aanzienlijk beperken. De kostendekkende griffierechten kunnen voor een zodanig hoge drempel zorgen dat de rechtzoekende af zal zien van een gerechtelijke procedure.



